Matrescentie: wat het is en wat het met je doet

Matrescentie is de overgang naar het moederschap. Herken je jezelf niet meer terug sinds je kind er is? Lees wat er verandert en waarom dat normaal is.

Misschien ben je hier omdat je ergens het woord matrescentie tegenkwam en dacht: wacht even, gaat dit over mij? Of misschien zocht je iets heel anders en bleef je hangen bij de zin die je zelf nog nooit hardop hebt gezegd.

Je houdt van je kind met alles wat je hebt. En tegelijk voel je je moe, overweldigd en een beetje kwijt. Je weet niet of dat mag. Je hebt er geen woord voor, dus zeg je het maar niet.

Herken je jezelf niet meer sinds je moeder bent?

Je herkent jezelf niet helemaal meer.

Je weet nog precies wie je was. Je wist wat je wilde, je had een agenda die klopte, je kende je eigen stemming van een afstand.

En nu is er een dag die begint voordat je wakker bent. Je lijf is anders. Je slaap is anders. Je hoofd staat vol met kleine dingen die niemand ziet: de luiers zijn bijna op, de schoenen zijn te klein, morgen is er een afspraak bij het consultatiebureau.

Je doet het. Je doet het iedere dag. Maar ergens tussen alles door is de vrouw die je kende uit beeld geraakt, en je weet niet goed wanneer dat gebeurde.

‘s Avonds nog even googelen of dit normaal is.

Als het huis eindelijk stil is, ligt de telefoon binnen handbereik. Je typt iets in over slapen, over eten, over driftbuien, over een kind dat niet wil wat andere kinderen wel willen.

Je leest drie antwoorden die elkaar tegenspreken. Je scrollt langs een opvoedaccount dat het zo helder uitlegt dat je even opgelucht bent, en daarna langs het volgende dat het precies andersom zegt.

In de speeltuin kijk je ook. Niet opvallend, maar je kijkt. Hoe die moeder het zegt tegen haar kind. Hoe rustig ze blijft. Hoe vanzelfsprekend het bij haar lijkt te gaan.

Je legt hun antwoord naast dat van jezelf. En jouw antwoord wordt steeds zachter.

Je identiteit verandert mee, en daar heeft niemand je op voorbereid

Wat er verandert is niet alleen je dagindeling. Het zijn je behoeften, je verlangens, je vriendschappen, je relatie met je eigen moeder.

Mensen vragen hoe het met de baby gaat. Dat is lief bedoeld en het is ook waar: het gaat goed met de baby. Alleen vraagt bijna niemand hoe het met jou gaat, nu je iemand anders aan het worden bent.

Je zwangerschap werd gevolgd, gemeten en besproken. Daarna sluit de deur en sta je in je woonkamer met een kind op je arm en een leven dat niet meer op het oude past.

Werken en moeder zijn, hoe combineer je beide?

Er trekt ook een andere kant aan je. Je wilt financieel op eigen benen staan. Je hebt iets opgebouwd waar je trots op bent en je wilt dat niet kwijt.

En tegelijk is daar dat gevoel dat je bij je kind wilt zijn. Niet als achterstand, maar als verlangen dat zich niet laat wegredeneren.

Op de dagen dat je werkt mis je thuis. Op de dagen dat je thuis bent voel je dat je ergens anders ook gemist wordt. Wat er ook gebeurt, er is altijd een plek waar je niet helemaal bent.

Dat is niet een kwestie van beter plannen. Twee dingen die allebei echt zijn, gaan wringen. Dat is iets anders dan falen.

Waarom meer zoeken minder vertrouwen geeft

Alle informatie die je vindt gaat over je kind. Over slaapritmes, over ontwikkelingsfasen, over hoe je het beste reageert als je kind iets doet.

Vrijwel niets gaat over jou. Over wie jij aan het worden bent in deze jaren, en wat dat met je doet.

En er zit iets in dat zoeken dat zichzelf versterkt. Je kijkt naar je kind, je voelt iets, en voordat je dat gevoel afmaakt ga je controleren of het klopt. Het antwoord van buiten komt eerder binnen dan dat van jezelf.

De volgende keer wacht je dat gevoel niet meer af. Je gaat meteen zoeken. Zo verleer je langzaam iets wat je allang kon: kijken naar je eigen kind en daarop afgaan.

Hoe harder je zoekt naar de juiste manier, hoe kleiner de stem wordt die zou weten wat hier, bij dit kind, op dit moment nodig is.

Wat er gebeurt als je jezelf blijft voorbijlopen

Je gaat functioneren. En je doet dat goed, want er wordt gegeten, er wordt geslapen, de was draait.

Maar je staat altijd aan en je bent nergens helemaal. Soms vraag je je af of je kind jou voelt, of alleen de versie van jou die alles regelt.

Die vraag is niet bedoeld om je schuldig te laten voelen. Het is het signaal dat er iets in jezelf om aandacht vraagt.

Wat is matrescentie?

Matrescentie als overgang naar het moederschap.

Er is een woord voor wat je meemaakt: matrescentie. Het beschrijft de overgang die een vrouw doormaakt als ze moeder wordt.

Niet alleen je leven en je lichaam veranderen. Ook je identiteit, je behoeften en je relaties veranderen mee. Het is een ontwikkelingsfase, zoals de adolescentie dat is.

En dat is misschien wel het meest geruststellende eraan. In de puberteit vinden we het vanzelfsprekend dat iemand even niet weet wie hij is, dat alles schuurt, dat het tijd nodig heeft. Bij een moeder verwachten we dat ze het vanaf dag één weet.

Matrescentie zegt iets anders: je bent volop in ontwikkeling, net als je kind. Het overweldigde gevoel en de liefde zijn geen tegenstelling. Ze horen allebei bij dezelfde fase.

Matrescentie is geen diagnose, maar een naam voor verandering

Ik gebruik het woord niet als diagnose en niet als methode. Het is taal. En taal doet iets: zodra iets een naam heeft, hoef je het niet langer in je eentje te dragen als iets wat alleen bij jou mis is.

Dat betekent ook dat matrescentie niet gaat over wat er aan jou gerepareerd moet worden. Het gaat over wat er aan het groeien is.

Wat helpt je om weer vertrouwen te krijgen in jezelf als moeder?

Eerst de moeder, dan het kind

In een wereld vol adviezen over hoe je je kind moet opvoeden, kijk ik naar wie jij bent in de eerste jaren van je kind.

Je kind doet er natuurlijk net zo goed toe. Je kind pikt vooral op wie je bent, en veel minder wat je doet. Als jij geworteld bent, heeft je kind een plek om op terug te vallen.

Daarom begin ik bij de moeder. Bij wat jij draagt, wat jou voedt en wat jij nodig hebt om aanwezig te kunnen zijn.

De onderstroom van het dagelijks leven

Het werk zit niet in nieuwe regels en niet in betere controle. Het zit in de onderstroom: in ritme, in aanwezigheid en in vertrouwen op wat je zelf bij je kind waarneemt.

Ritme is het eerste. Alles in het leven heeft een ritme, te beginnen bij in- en uitademen. In een dag met terugkerende handelingen ontstaat herkenning, en uit herkenning komt veiligheid. Een kind dat weet wat er komt, kan zich in zijn eigen tempo ontwikkelen.

Aanwezigheid is het tweede. Kleine kinderen zijn vanzelf in het NU. Dat is het enige wat ze van je vragen: ben je hier echt. Niet de hele dag, wel echt.

Het derde is je eigen waarneming. Jij ziet dingen aan je kind die geen boek kan weten. Dat je ze niet kunt bewijzen, maakt ze niet minder waar.

Wat ritme doet op een rommelige dag

Juist op de dagen dat alles misloopt heeft ritme waarde. Niet als schema dat je haalt, maar als iets wat de dag blijft dragen als jij het even niet kunt.

De soep die er altijd op woensdag is. Het liedje bij het aankleden. Het rondje door de straat voor het eten. Kleine gebaren die zich herhalen, zodat jullie allebei weten waar je bent.

Dit is wat ik WortelWerk noem: het vaak onzichtbare werk dat je doet in de eerste zeven jaar. Mijn inspiratie komt uit de antroposofie, en die taal leg ik je niet op. Het gaat erom dat je wortelt in jezelf, zodat je met rust aanwezig kunt zijn.

Waar sta jij nu ?

Als je dit leest en je herkent jezelf hierin, dan is er niets aan jou stuk. Je bent midden in een overgang die groot is en die weinig aandacht krijgt.

Als je erover zou willen praten, dan is er ruimte voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek, online of bij mij in Haarlem. Je hoeft niets voorbereid te hebben. Je vertelt waar je nu staat, en we kijken samen wat dat vraagt.

En als je liever eerst een tijdje meeleest: via mijn nieuwsbrief deel ik regelmatig iets over matrescentie, ritme en de eerste zeven jaar. Je mag rustig de kat uit de boom kijken. Dat is ook een vorm van afstemmen op jezelf.

Veelgestelde vragen over matrescentie

Wat betekent matrescentie?

Matrescentie is de overgang naar het moederschap. Tijdens deze periode verandert er veel in je leven, maar ook in wie je bent. Je lichaam, je identiteit, je behoeften en je relaties kunnen veranderen. Je leert niet alleen voor je kind te zorgen, maar ontdekt ook opnieuw wie jij bent als moeder en als vrouw. Dat proces kost tijd en verloopt voor iedere vrouw anders.

Wanneer begint matrescentie en hoelang duurt het?

Matrescentie kan al tijdens de zwangerschap beginnen en zich na de geboorte van je kind verder ontwikkelen. Er is geen vaste periode waarin deze overgang moet zijn afgerond. Ook wanneer je kind ouder wordt, kun je merken dat je opnieuw verandert. Het moederschap brengt verschillende fases met zich mee en in iedere fase ontdek je nieuwe kanten van jezelf. Je hoeft dus niet meteen te weten wie je bent geworden of hoe je alles wilt invullen.

Is het normaal dat je jezelf niet meer herkent na de geboorte van je kind?

Het komt voor dat vrouwen zichzelf na de geboorte van hun kind minder goed herkennen. Je dagelijkse leven verandert, je verantwoordelijkheden nemen toe en je behoeften kunnen verschuiven. Misschien mis je de vrijheid die je eerder had, terwijl je tegelijkertijd intens van je kind houdt. Die gevoelens kunnen naast elkaar bestaan. Je hoeft je daar niet schuldig over te voelen. Wanneer je langdurig somber bent, veel angst ervaart of het gevoel hebt dat je niet meer goed kunt functioneren, is het belangrijk om professionele hulp te zoeken.

Wat is het verschil tussen matrescentie en een postpartumdepressie?

Matrescentie beschrijft de overgang naar het moederschap en de lichamelijke, emotionele en sociale veranderingen die daarmee samenhangen. Een postpartumdepressie is een psychische aandoening die na de bevalling kan ontstaan en waarvoor professionele ondersteuning nodig kan zijn. De ervaringen kunnen elkaar overlappen, maar matrescentie is op zichzelf geen diagnose. Blijf je somber, verlies je je plezier of ervaar je aanhoudende angst of wanhoop, bespreek dit dan met je huisarts of verloskundige. Je hoeft daar niet alleen mee te blijven rondlopen.